Author Archives: ZorgfocuZ

  1. Meetinstructies voor meten van cliëntervaringen Verpleeghuiszorg via ZorgkaartNederland

    Leave a Comment

    Aanbieders gaan cliëntervaringen in de verpleeghuiszorg meten met de totaalscore van ZorgkaartNederland in plaats van met de Net Promotor Score (NPS) of de aanbevelingsvraag. Dit is een besluit van de Stuurgroep Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg dat begin dit jaar genomen is. De Stuurgroep Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg heeft nu ook een eerste opzet voor de meetinstructies voor het verzamelen van waarderingen op ZorgkaartNederland gepubliceerd.

    Cliëntervaringen verpleeghuiszorg – ZorgkaartNederland

    Meetinstructies verzamelen waarderingen ZorgkaartNederland

    In augustus 2020 ontvangen aanbieders het handboek met toelichting op de kwaliteitsindicatoren en meetinstructie verslagjaar 2020. Omdat de meetperiode van cliëntervaringen van 1-1-2020 t/m 31-12-2020 heeft Actiz reeds informatie gedeeld over het meten van cliëntervaringen verpleeghuiszorg in 2020. In 2020 zijn drie methodes toegestaan om cliëntervaringen te meten. Dit zijn:

    • Totaalscore van ZorgkaartNederland (NIEUW)
    • Aanbevelingsvraag van ZorgkaartNederland
    • Net Promotor Score (NPS)

    Voor de totaalscore van ZorgkaartNederland gelden de volgende instructies.

    Gemiddelde totaalscore op locatieniveau

    Op ZorgkaartNederland delen mensen hun ervaringen met de zorg. Bij verpleeghuiszorg geven mensen bij zes deelvragen een cijfer en hebben daarnaast de mogelijkheid om hun ervaring te beschrijven in een tekstvak. Per ervaring worden de cijfers van de zes deelvragen bij elkaar opgeteld en wordt het gemiddelde van deze zes cijfers berekend. Dit is het gemiddelde per ervaring. Op locatieniveau worden de gemiddelden per ervaring opgeteld en gedeeld door het aantal ervaringen. Dit is de gemiddelde totaalscore van ZorgkaartNederland op locatieniveau. Op ZorgkaartNederland staat dit vermeld als het gemiddelde waarderingscijfer per jaar met daarbij het aantal ervaringen waarop gebaseerd. Het gemiddelde waarderingscijfer voor 2020 moet aangeleverd worden aan het ODB met het aantal ervaringen waarop gebaseerd.

    Vragenlijst

    De volgende deelvragen komen aan bod in de vragenlijst:

    • Afspraken: Verliep het maken van een afspraak goed? En komt de organisatie/medewerker gemaakte afspraken over tijden, tijdstippen en bereikbaarheid na?
    • Verpleging: Hoe beoordeelt u de kwaliteit en het effect van de verpleging, verzorging of behandeling
    • Omgang medewerkers: Behandelen de medewerkers u met aandacht? Gaan de medewerkers op een goede manier met u om?
    • Kwaliteit van leven: Sluit de zorg aan op wat u zelf belangrijk vindt? Past het bij de manier waarop u wilt leven?
    • Luisteren: Wordt u gezien en gehoord? Wordt er passend gereageerd op uw vraag of verzoek
    • Accommodatie: Vindt u het gebouw, de voorzieningen en de omgeving prettig?

    Mensen die een ervaring delen, geven bij zes deelvragen een cijfer. Per ervaring worden de cijfers van de zes deelvragen bij elkaar opgeteld en wordt het gemiddelde van deze zes cijfers berekend. Dit is het gemiddelde per ervaring. Op locatieniveau worden de gemiddelden per ervaring vervolgens bij elkaar opgeteld.

    Meetperiode

    Meting in de periode 1-1-2020 t/m 31-12-2020

    Werkwijze ophalen ervaringen

    U kunt op verschillende manieren ervaringen ophalen voor ZorgkaartNederland, bijvoorbeeld via een belteam, interviewteam of mensen stimuleren zelf een ervaring te plaatsen (bijvoorbeeld via een folder met een link naar ZorgkaartNederland, algemene mailing of link op de eigen website naar ZorgkaartNederland). Meer informatie over het ophalen van ervaringen staat op www.zorgfocuz.nl/spelregels-rond-het-ophalen-van-waarderingen.

    Aanbieders hebben een uitzetverplichting van 80%. Dit houdt in dat aanbieders 80% van hun bewoners/naasten moet attenderen op het kunnen delen van hun ervaring via een of meerdere van bovengenoemde werkwijze. Bovengenoemde werkwijzen zijn bijvoorbeeld via een folder, algemene mailing, belteam, interviewteam, etc.

    Rapporteren totaalscore op locatieniveau

    Op ZorgkaartNederland worden gegeven op locatieniveau gepubliceerd. Cliënten/ cliëntvertegenwoordigers die een ervaring op ZorgkaartNederland achterlaten geven op locatieniveau bij zes deelvragen een cijfer. Op ZorgkaartNederland worden de deelcijfers bij elkaar opgeteld en gemiddeld tot een totaalscore per ervaring en vervolgens wordt per jaar de totaalscore op locatieniveau berekend (op ZorgkaartNederland heet dit gemiddeld
    waarderingscijfer per jaar). Dit is openbare informatie en voor een aantal jaren terug te zien.
    Voor de totaalscore 2020 op locatieniveau hoeft u dus zelf niks te berekenen. U rapporteert begin 2021 het gemiddelde waarderingscijfer over het jaar 2020 en het aantal waarderingen waarop gebaseerd. Dit is openbare informatie. Beide cijfers staan op locatieniveau op ZorgkaartNederland.

  2. Psycorona-studie

    Leave a Comment

    Meer dan 30 psychologen van over de hele wereld hebben aan het begin van de uitbraak van het corona-virus de “Psycorona-studie” gelanceerd, gericht op de psychologische gevolgen van de uitbraak van het virus. Zo ook vanuit de Rijksuniversiteit Groningen hier in Nederland. En knijp in onze handjes, want wij mogen vanuit ZorgfocuZ met deze slimme wetenschappers samenwerken.

    Het virus, en anders wel de maatregelen die door het virus genomen worden, zijn van invloed op ieders staat van zijn. Ben je bang dat je het virus krijgt? Of eerder relaxed omdat je even niks hoeft te doen? Ben je gefrustreerd door de afgekondigde maatregelen vanuit de overheid? Welk belang zie jij eigenlijk in die 1,5m afstand? Inmiddels zijn er alleen in Nederland al bijna 3000 mensen die hebben meegedaan aan het onderzoek, wat natuurlijk een schat aan informatie heeft opgeleverd. Informatie die relevant is voor menig overheidsorgaan, zorginstelling of anderszins betrokken partij.

    De eerste paar ruwe analyses op de baselinedata zijn gedaan. Sneak preview: heel Nederland moet zich aan de 1,5m-maatregelen houden, maar in de provincie Utrecht zegt men dat vele malen beter te doen dan mensen in Zuid-Holland, Limburg of hekkensluiter Friesland. Wat maakt nou dat mensen zich al dan niet aan die 1,5m houden? Bijzonder genoeg lijkt daar het regionale verschil in het aantal virusinfecties en dodelijke slachtoffers niet een hele belangrijke rol bij te spelen…

  3. In opdracht van de gemeente Den Haag doet ZorgfocuZ onderzoek naar algemene voorzieningen

    Leave a Comment

    De gemeente Den Haag heeft ZorgfocuZ gevraagd om onderzoek te doen naar het functioneren van algemene voorzieningen. Het onderzoek moet inzicht geven in het functioneren van de voorzieningen en aanknopingspunten bieden voor de gemeente om daar waar mogelijk bij te sturen. Om hier inzicht in te krijgen betrekken wij inwoners die gebruik maken van algemene voorzieningen, de aanbieders van de algemene voorzieningen en de Wmo-consulenten die doorverwijzen naar algemene voorzieningen.

    In Den Haag maken ruim 36.000 mensen gebruik van de Wmo. Met de verwachte groei en vergrijzing van de bevolking neemt het aantal gebruikers van de Wmo en daarmee ook de kosten de komende jaren toe. Wmo-ondersteuning wordt nu voor een groot deel aangeboden in de vorm van maatwerk. Om ondersteuning te kunnen blijven bieden aan alle mensen die deze zorg nu en in de toekomst nodig hebben, zal een groter deel van deze ondersteuning moeten bestaan uit algemene voorzieningen. Verwacht wordt dat door de doorverwijzing naar het voorliggend veld van de algemene voorzieningen, zwaardere zorg (maatwerk) kan worden voorkomen of kan worden uitgesteld.

    Door een beter zicht te creëren op het functioneren van het veld van algemene voorzieningen, kan de gemeente op basis van de uitkomsten bepalen of het nodig is om bij te sturen op het gebied van het aanbod. Om hier inzicht in te geven, betrekken wij de drie belangrijkste partijen: de zorgvragers zelf, de aanbieders van de voorzieningen en de verwijzers vanuit de gemeente (Wmo-consulenten). Ongeveer 300 cliënten worden geïnterviewd naar hun ervaringen met het doorverwijzen naar een hun gebruik van de algemene voorzieningen. Alle aanbieders ontvangen een vragenlijst om een beter beeld te geven van het aanbod, het gebruik van algemene voorzieningen en om te bepalen voor welke uitdagingen de aanbieders staan. Tot slot worden consulenten bevraagd over wat hun beeld is van het aanbod en kwaliteit van de algemene voorzieningen: ontbreekt er specifiek aanbod in een wijk? Verlopen de doorverwijzingen goed?

    Na afronding van de dataverzameling verzorgen wij een uitkomstendialoog met betrokken ambtenaren van Den Haag om gezamenlijk uitkomsten te duiden en te komen tot vervolgacties.

    Wilt u meer weten over onderzoeken voor gemeenten? Zie ook gemeenten (sociaal domein).

  4. Face-to-face onderzoek weer mogelijk met MOA-richtlijn voor 1,5 meter marktonderzoek

    Leave a Comment

    MOA heeft nieuwe richtlijnen gepubliceerd voor face-to-face onderzoek per 11 mei 2020 (kwalitatief onderzoek). Als onderzoeksbureau houden we ons aan deze richtlijnen. MOA geeft hierin het volgende aan:

    “De versoepeling van de coronamaatregelen per 11 mei betekent dat face-to-face onderzoek, zowel kwantitatief als kwalitatief, weer mogelijk is. Met een pakket voorzorgsmaatregelen, om besmetting te voorkomen, kunnen de onderzoek- en selectiebureaus weer respondenten uitnodigen en bezoeken. De richtlijn geeft handvatten voor het face-to-face onderzoek proces van selectie, ontvangst tot en met uitvoering van het marktonderzoek. Hiermee is face-to-face onderzoek weer goed mogelijk.

    Het primaire doel van de richtlijn is het bieden van houvast aan onderzoekers, interviewers, respondenten en opdrachtgevers, zodat zij zich veilig en op hun gemak voelen bij het uitvoeren van-, deelnemen aan- en opdracht geven tot face-to-face marktonderzoek in alle verschijningsvormen. Tegelijkertijd moet deze richtlijn de kwaliteit van face-to-face marktonderzoek borgen.

    De richtlijn is geen strak, vaststaand protocol waar de bureaus die dit type onderzoek uitvoeren zich aan moeten houden. Onderzoekers en locaties zullen uiteindelijk zelf invulling moeten geven aan de uitvoering van deze richtlijn en die invulling is afhankelijk van de specifieke situatie op een locatie of juist daarbuiten. De RIVM-richtlijnen zijn daarbij altijd leidend.

    Klik hier voor alle informatie en het downloaden van de MOA-richtlijn voor 1,5 meter marktonderzoek.

    Totstandkoming richtlijn
    Deze richtlijn is opgesteld in overleg met de MOA Taskforce 1,5 meter onderzoek. Hierin zaten diverse belanghebbenden uit de face-to-face marktonderzoekspraktijk, van zowel opdrachtgeverszijde als van bureauzijde.

    Deze richtlijn zal worden aangepast als specifieke situaties daarom vragen. Middels een speciale commissie zal de MOA deze 1,5 meter richtlijn actualiseren in het geval de lockdown op relevante onderdelen verder wordt versoepeld of weer wordt geïntensiveerd.”

  5. Marktonderzoek in tijden van corona

    Leave a Comment

    Vanuit ZorgfocuZ zijn wij al jaren trouwe onderzoekspartner van vele zorgorganisaties en gemeenten (sociaal domein) in heel Nederland. In deze roerige tijden maken wij van dichtbij mee dat onze klanten hun volledige focus leggen op de aandacht en zorg voor cliënten en inwoners. Wij trachten hen hierbij zoveel mogelijk te steunen. Daar waar het doen van onderzoek onder cliënten altijd een vanzelfsprekendheid was, zoeken wij nu met onze klanten naar de juiste balans tussen aan de ene kant de wens om (waar dat kan) te blijven evalueren en aan de andere kant om cliënten niet onnodig te belasten. Het is fijn om te merken dat wij met onze klanten een goede verstandhouding hebben en tot passende oplossingen kunnen komen.

    Sommige klanten van ons kiezen ervoor om de geplande onderzoeken uit te stellen. In samenspraak en al naar gelang de behoefte van onze klanten passen wij de planning dan aan. Bijvoorbeeld door de onderzoeken te verschuiven tot na de zomer.

    Daarnaast zijn er ook genoeg klanten die bestaande onderzoeken wel kunnen en willen continueren. Wij zien dat het uitvoeren van deze onderzoeken veelal nog prima via de bekende methoden uitgevoerd kunnen worden. Denk hierbij aan het versturen van vragenlijsten per post of email. Wij merken zelfs een hogere respons op onze onderzoeken, waarschijnlijk omdat veel mensen nu thuis zijn.

    Voor projecten waarbij een persoonlijk contact gepland stond, bijvoorbeeld face-to-face interviews, hebben wij afspraken gemaakt met onze klanten om te kijken wat wel mogelijk is. Het uitvoeren van een telefonisch onderzoek blijkt hierbij een goed alternatief.

    Verder worden wij gesterkt in onze visie om onderzoekvraagstukken waar dat kan te integreren. Dus niet door nieuwe extra onderzoeken op te tuigen om een bepaald vraagstuk (zoals corona) aan cliënten of inwoners voor te leggen, maar juist door het toevoegen van onderzoeksvragen aan bestaande onderzoeken. Voor diverse klanten voegen wij daarom nu ervaringsvragen over corona toe aan de bestaande cliëntervaringsonderzoeken.

    Denk hierbij aan het toevoegen van vragen aan cliëntervarongsonderzoeken Wmo, Jeugdwet en Participatiewet, maar bijvoorbeeld ook aan de Burgerpeiling van VNG Realisatie. Dit biedt meerdere voordelen: deze onderzoeken stonden toch al gepland, cliënten en inwoners worden daardoor niet belast met extra vragenlijsten en gemeenten/zorgorganisaties hebben op deze manier zonder extra kosten en inspanningen een actueel beeld van ervaringen over corona.

    Qua afstemming merken wij dat met het gebruik van bijvoorbeeld Skype, Zoom en Microsoft Teams heel goed te communiceren is met onze klanten. Het is via deze tools ook mogelijk om bestanden met elkaar te delen en met elkaar te bespreken. Feitelijk mist alleen nog de persoonlijke handdruk, voor de rest is nog veel mogelijk. Gelukkig maar!

Zijn onze onderzoeksoplossingen iets voor u?

Sluiten